Nieuws

Transitiemakers in AgriFood maken radicale vernieuwing!

                   

Op donderdagochtend verzamelde de groep zich met fiets voor het centraal station. Vanaf daar vertrokken we naar het voormalig tropisch zwemparadijs Tropicana waar nu Blue City is gevestigd, de plek waar je ‘een portie radicale ontwrichting bij je koffie krijgt’. En zo geschiedde. We spraken met Mark Slegers, initiatiefnemer van BlueCity en Rotterzwam. Mark wilde, geïnspireerd door Gunther Pauli’s boek ‘The Blue Economy’, op koffiedik paddenstoelen gaan kweken en daarmee ‘afval’ waarde geven. Hij kwam erachter dat iemand hem al voor was: in plaats van de competitie aan te gaan, besloten de twee te gaan samenwerken. Zonder businessplan, met veel doen, proberen en experimenteren, zijn zij aan de slag gegaan in de kelder het voormalige zwemparadijs.Zij zagen echter nog meer mogelijkheden en besloten Tropicana te transformeren tot Blue City, een plek waar inmiddels innoverende ondernemingen gevestigd zijn en waar een nieuwe economie werkzaam is en tastbaar wordt gemaakt. Ter afsluiting drukt Mark ons op het hart om onze dromen uit te spreken en het liefste zelfs op te schrijven, hoe groot of klein ze ook zijn en vervolgens te gaan doen.

Ondanks dat we nog lang niet waren uitgepraat met Mark, moesten we door naar de volgende locatie. We fietsen langs het water, de Erasmusbrug over om vervolgens aan te komen bij de Fenix Food Factory waar in Zaak.acht een lunch voor ons klaar staat met producten die uit de loods komen.

Na de lunch gaan we in gesprek met Marijke Booij van Booij Kaasmakers en Tsjomme Zijlstra van Kaapse Brouwers. Zij zochten ooit beiden een plek om hun product direct aan de consument aan te kunnen bieden en zo het verhaal van het product over te kunnen brengen. Daarnaast had Tsjomme ook een plek nodig om zijn bier te kunnen brouwen. Zij vonden de Fenix loods en hebben dit met zes andere ondernemers omgetoverd tot de levendige Fenix Food Factory, een foodhal waar ambacht, kwaliteit en toegankelijkheid hoog in het vaandel staat.

Marijke vertelt ons hoe zij daar kwam: van het beginnen met de door haar familie gemaakt kaas direct aan de consument te verkopen op streekmarkten tot aan vormen van een coöperatie om andere boeren hier ook in mee te nemen en steeds het beste proberen te vinden voor boer, koe, land en consument. Dat ze eigenwijs is, heeft haar hierin een voordeel geleverd: waar anderen haar voor gek verklaarden, ging zij het gewoon doen. Ook Tsjomme Zijlstra heeft het moto ‘gewoon doen’. Hij gaat zelfs nog verder door te zeggen ‘schrijf geen plan’.

Er is helaas geen tijd om de biertjes van Tsjomme te proeven: we gaan verder naar Hotspot Hutspot in de wijk Lombardijen. We fietsen eerst nog tussen de grote hoge gebouwen, maar dit wordt al snel afgewisseld met lagere gebouwen, kleine ‘arbeidershuisjes’, gevolgd door flats met kleine appartementen.

We zijn aangekomen in de wijk Lombardijen, waar Bob Richters op ons wacht bij een van de locaties van Hotspot Hutspot: een klein gebouwtje met daarin een restaurant, omringd door een moestuin (nog niet in volle groei, het is immers maart). Het weer laat het toe om buiten te zitten aan een lange tafel. Door de ramen zien we binnen het keukenteam druk bezig is met de voorbereidingen voor die avond.

Hotspot Hutspot wil met de combinatie van stadslandbouw en een restaurant duurzaam eten bieden voor iedereen. Tieners kunnen na schooltijd binnenlopen om mee te doen aan kookactiviteiten. Zo leren zij over gezond eten en hoe het op je bord komt. Het resultaat: iedere avond een mooi drie-gangen menu voor €8,- en een veilige haven voor jongeren. Bob Richters, initiatiefnemer en zelf afkomstig uit de horeca, helpt zijn vrijwilligers te ondervinden wat ze leuk vinden en waar zij goed in zijn. Eten is voor hem het middel om een positieve bijdrage te leveren aan de leefbaarheid van de wijk en aan de maatschappij.

Zijn advies klinkt inmiddels bekend: ‘schrijf geen plan, ga het doen’. Vertaal je idealen naar de omgeving waar jij invloed op kunt uitoefenen. Ondanks dat het voor hem niet altijd makkelijk is, heeft hij een positieve instelling: hij focust liever op wat wel goed gaat.

Op de fiets terug naar het centraal station dalen de lessen van de dag een beetje in. Het belangrijkste lijkt te zijn: ‘ga het gewoon doen, schrijf liever geen plan’. Wees een beetje koppig en eigenwijs. Je mag experimenteren in de echte wereld – en dan bijschakelen als het fout gaat.

De volgende dag blijken deze praktijklessen van grote waarde. Vrijdag zitten we bij Uit Je Eigen Stad, een grote stadsboerderij met restaurant, waar André Knol van Innomics de Pressure Cooker: ‘Business in a day’ geeft. Een werkelijke stoomcursus die niet leidt tot het schrijven van een business plan, maar je helpt een versie van je bedrijf, product of service te ontwerpen die je vervolgens gaat testen in de werkelijkheid . Het grote verschil tussen een ‘model’ en een plan’ is dan ook dat een model steeds in ontwikkeling is en een plan statisch: “Een business model is zo vergankelijk als een yoghurtje in de koelkast”, aldus André Knol.

En dat is niet erg: zo leer je, ondervind je waar je kansen liggen en kun je radicaal gaan vernieuwen!

 

JJ-6921 JJ-7023 JJ-6995 JJ-6980

JJ-7066

JJ-7153 JJ-7151 JJ-7136 JJ-7111 JJ-7096JJ-7241 JJ-7229JJ-7274 JJ-7261 JJ-7260 JJ-7245